Vermijdende/restrictieve voedselinnamestoornis (ARFID)

Kernwoorden

Ondervoeding
Selectief eetgedrag
Geen verstoord lichaamsbeeld

ARFID is het Engelstalige acroniem voor de vermijdende/restrictieve voedselinnamestoornis (Avoidant/Restrictive Food Intake Disorder), die sinds 2013 specifiek wordt benoemd in de DSM-5 (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders)​ [10]​. Rond prevalentie is nog weinig bekend. Personen met ARFID eten te weinig (volume, bv. minder vaak eten dan anderen of te snel stoppen met eten), te eenzijdig (ze beperken de soorten voedsel) of beide. Deze eetstoornis wordt het meest gerapporteerd bij jonge kinderen, maar komt voor bij personen van alle leeftijden ​[10]​. Kenmerkend aan ARFID is dat, omwille van het vermijdende/restrictieve karakter, er sprake is van een langdurige tekortkoming van de voedings- en/of energiebehoeften. Dit verstoorde eetgedrag wordt niet veroorzaakt door een verstoord lichaamsbeeld zoals wel het geval is bij de eetstoornissen anorexia en boulimia nervosa ​[10]​.  

Deze stoornis was voordien de ‘voedingsstoornis tijdens de zuigelingenleeftijd of vroege kindertijd’. De criteria werden uitgebreid, en ook volwassenen kunnen deze diagnose krijgen, maar de diagnose wordt vaker gesteld bij kinderen. Deze stoornis wordt gekenmerkt door een aanhoudend falen om tegemoet te komen aan de gepaste nutritionele en/of energetische noden, wat zich kan uiten in onvoldoende groei of gewichtsafname en nutritionele tekorten. I.t.t. anorexia nervosa is er geen verstoord lichaamsbeeld. 

Binnen DSM-5 ​[10]​ worden volgende inclusiecriteria beschreven: 

Een eet- of voedingsstoornis die zich uit in een onvermogen om voldoende voedingsstoffen en/of energie op te nemen via de voeding. Deze aandoening komt samen voor met 1 of meerdere van de volgende zaken:  

1. Significant gewichtsverlies (of kleinere gewichtstoename dan verwacht wordt of vertraagde groei in kinderen);   
2. Significante voedingstekorten;   
3. Afhankelijkheid van sondevoeding of orale voedingssuppletie;   
4. Verstoringen van het psychosociaal functioneren / aanwezigheid van psychosociale problemen.  

Er worden in DSM-5 drie uitingsvormen of sybtypes van ARFID beschreven die het vermijdende/restrictieve eetgedrag van de patiënt verklaren:  

  1. Een gebrek aan interesse in voeding of vergeten om te eten;  
  1. Eten veroorzaakt een sensorische overgevoeligheid;  
  1. Angst voor mogelijke nadelige gevolgen; al dan niet uitgelokt door een eerdere traumatische ervaring zoals zich verslikken of braken 

De eerste twee uitingsvormen starten doorgaans in de kindertijd. ADHD en ASS zijn gekende comorbiditeiten in dit verband. De derde uitingsvorm kan ook op latere leeftijd ontstaan. 

Meer info rond ARFID vind je hier.  

Infofiche eetproblemen en eetstoornissen – ARFID – gezin

Aanbevelingen voor de omgeving bij ARFID (Avoidant Restrictive Food Intake Disorder).

Infofiche

– 244 KB

Checklist ARFID

Signalen van ARFID.

Materialen en tools